Om weer terug te zijn

“Hoe is het om weer terug te zijn?” Vrienden en vriendinnen vragen het me, meestal met een soort medelijden in hun stem dat meer zou passen bij iemand die weer is begonnen met werken na een burn-out of sterfgeval. Ik snap het wel; vanuit Japan zag ik enorm op tegen terug naar huis gaan, en hing ik op social media de dramaqueen uit. Maar hoe het is, om weer terug te zijn? Eigenlijk best prima.

Lieve en lompe hollanders

Natuurlijk, Nederlanders zijn lomp. Daar heb ik vooral als ik met het ov reis last van, want wachten tot anderen zijn uitgestapt, stil zijn in de stiltecoupé of je afval netjes meenemen, daar hebben de meeste Hollanders geen kaas van gegeten. Wat ik ook altijd jammer vind, is hoe pesterig en gemeen mensen hier kunnen zijn. Ik zeg niet dat Japanners heilig zijn, maar goed, zij kunnen mijn outfit de meest afgrijselijke creatie ooit vinden, ze zéggen het in ieder geval niet. Dat kun je fake vinden, maar wie is er ooit geholpen met “HAHA BRIL!”? Juist, helemaal niemand.

Mijn eerste plan was om me dan voortaan maar in huis op te sluiten. Maar natuurlijk is dat geen oplossing, en daarbij, mijn huisje wordt in de zomer, met dank aan de ligging op het zuiden, teringwarm. Enne, er moeten toch boodschappen gedaan worden. Vieze, dure boodschappen, want die dingen die ze bij de AH to go voor 2,95 onigiri durven te noemen… Huilen.

“Nou Toeps, dat klinkt allemaal heel ellendig. Zwaar leven!” Eh, ja. Maar tegelijkertijd ook niet. Want terug zijn betekent ook een boel lieve mensen weer zien. Riemer. Aafke. Ruud. Hannah. Mijn eerste week was een rondje vrienden, een weekendje Riemer, én een bestelmarathon. Als ik dan toch de rest van het jaar in Nederland moet doorbrengen, dan gaan we daar iets comfortabels van maken ook!

Bestel maar, bestel maar, bestel maar

De eerste bestelling deed ik al vanuit Japan: een eersteklas Dal Vrij-abonnement. Sinds ik niet meer met Riemer samenwoon en verder van Amsterdam woon, rezen mijn reiskosten de pan uit. Ik lette niet echt op de kosten, zwaaide met mijn NS Business Card langs het paaltje en schrok me steevast een hoedje op het moment dat de rekening binnenkwam. DRIE-HONDERD-VIJFTIG EURO?! Daar moest verandering in komen.

Ik besloot een Dal Vrij-abonnement te nemen, en zag toen dat het verschil tussen eerste- en tweedeklas maar dertig euro per maand was. Dertig euro, om voortaan in rustige coupé’s te zitten, zonder Mien en Tineke die voor het eerst in hun leven met de trein gaan. (“Stiltecoupé?! Nou ja, ik mag toch wel praaaaten?!”) Natuurlijk hield ik rekening met de Hendrik-Willems met een ov van de zaak, die écht even over die order moeten bellen. En terecht, want daar zit de eersteklas vol mee. Toch vind ik dat minder erg dan Mien en Tineke.

Ook bestelde ik een mobiele airco. Ik wist dat dat ooit zou moeten, dus ik besloot mijn resterende vermogen maar eens direct te spenderen. Mooi is anders, en het ding maakt een enorm lawaai, maar zoals ik in mijn Coolblue-review schreef: “Liever werken in herrie dan in hitte.” Daarbij kan de airco meestal na een uurtje wel weer uit, waarna het nog een uur of twee koel genoeg blijft om nuttige dingen te doen.

Verder kocht ik een compactere stofzuiger (of eigenlijk kocht Riemer die voor mij, in ruil voor mijn grote stofzuiger en mijn strijkplank – sinds ik in Japan de strijkhandschoen kocht, heb ik geen grote plank meer nodig) en een fancy Japanse rijstkoker. Kan dat verlepte Tefal-ding, waarbij de onderkant aanbrandt en de randen nooit meer schoon worden, mooi weg. Of nou ja, als stomer is ‘ie redelijk. Te nat, te klef, maar redelijk. (KOOP NOOIT TEFAL RIJSTKOKERS, IS TROEP!)

Als straks de rijstkoker binnen is, ontbijt en lunch ik alleen nog maar met rijst. Het valt me namelijk op dat ik, sinds ik terug ben, elke dag geplaagd word door buikpijn. Ik weet niet precies hoe dat kan, maar ik verdenk brood, muesli en andere graanproducten. Die at ik in Japan amper. Maar misschien is het ook wel gewoon de overprikkeling. Hoe dan ook, ik neem straks lekker overal zelfgemaakte bento-boxjes mee naartoe. Ha!

Productief

In de afgelopen week heb ik verder mijn kamer opgeruimd, mijn kleding gesorteerd (binnenkort ga ik met twee vriendinnen foto’s maken, en dan gooien we al onze te kleine/grote/saaie kleren op United Wardrobe), mijn serie over de Nederlandse dames in Japan afgemaakt en mijn belastingaangifte gedaan. Binnenkort nog even een houten Ikea-stoel in de verf zetten, want mijn broertje, die mijn kamer bewoonde tijdens mijn afwezigheid, is door mijn witte exemplaar heengezakt. Ik liet ‘m achter met duizend instructies, maar ik vergat een belangrijke: NIET WIPPEN!

What’s up next? De komende week is het nog rustig. Ik ben bezig met de nieuwe website van Charlotte, die waarschijnlijk deze week wel af komt. Daarna staan er vier shootdagen op het programma. Mijn redacteur mailde me net hoe het met mijn boek staat, dus oeps, dat wordt ook weer even aan de bak. Verder moet ik het nog even zien. Ik zou het leuk vinden om meer verhalen te maken, zoals ik in mijn laatste week in Japan deed. Ik zou het ook leuk vinden om voor meer mensen custom WordPress-themes te bouwen. Binnenkort komen er weer wat portretdagen aan, en ik ben nog steeds beschikbaar voor privéles Photoshop. Kortom: genoeg leuks! En Japan? Japan komt volgend jaar wel weer. Denk ik.

2 reacties op “Om weer terug te zijn”

  1. Anne schreef:

    Goed bezig Toeps! Klinkt alsof je lekker in de flow zit!

  2. Joke schreef:

    Klinkt heel leuk!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.